Leeruitkomst en toetsing: Zorgtechnologie

Algemeen

De maatschappelijke ontwikkelingen gaan heel snel en door de steeds veranderde context spelen technologieën een steeds belangrijkere rol in de samenleving (Idenburg, Emonts, Chavannes, 2020). Denk maar aan het vanzelfsprekend gebruik van smartphones, tablets en andere devices. Door de coronacrisis is beeld-/ videobellen veel gewoner geworden.

Door de demografische ontwikkelingen, zoals de dubbele vergrijzing, verhoogde levensverwachting en co-morbiditeit neemt de vraag naar zorg toe (Laurant en Vermeulen, 2018). De gezondheidszorg staat voor grote uitdagingen en de inzet van technologie is een belangrijk onderdeel van oplossingen (Idenburg e.a., 2020). Zo kan de participatie van de zorgvrager door zijn netwerk in het zorgproces ondersteund worden met behulp van bijvoorbeeld e-health en kan door de inzet van bijvoorbeeld domotica een zorgvrager langer thuis wonen. Technologie maakt grotere bewustwording en gedragsverandering mogelijk door bijvoorbeeld holistic tracking en serious gaming. Op deze manier kan ook meer de verschuiving van ziekte en zorg naar gezondheid en gedrag vorm krijgen (Laurant en Vermeulen, 2018; Idenburg e.a., 2020)

Als verpleegkundige kom je technologie in de zorg tegen en dat zal alleen maar toenemen. Regelmatig wordt technologie ingezet zonder te kijken of dat ook past bij de behoefte van de zorgvrager. Ook worden verpleegkundigen onvoldoende betrokken bij de ontwikkeling en het gebruik van zorgtechnologie (Laurant en Vermeulen, 2018). Dat zijn gemiste kansen, want zorgtechnologie kan veel betekenen voor de verbetering van de kwaliteit van leven van een zorgvrager, zie ook het filmpje van Sofies leerreis, dat ter sprake kwam tijdens de kick-off:

In deze leeruitkomst ga je je met medestudenten verdiepen in de verschillende mogelijkheden van zorgtechnologie in verschillende settingen. Je komt ook gezamenlijk met een plan van aanpak om verschillende zorgtechnologieën toe te passen; in samenspraak met de zorgvrager en zijn netwerk. Er zijn enkele organisaties die hierin voorlopen en zorgtechnologie al integreren in hun beleid, maar er zijn veel meer instellingen waar zorgtechnologie in de kinderschoenen staat of waar men nauwelijks met zorgtechnologie bezig is. Als dat laatste het geval is in jullie groep, dan is de neiging om van het plan van aanpak een implementatieplan te maken. Echter, er zijn eerst andere stappen nodig om tot toepassing van (nieuwe) zorgtechnologie te komen. Implementatie is in deze leeruitkomst niet de bedoeling, want het maken van een implementatieplan komt uitgebreid aan de orde bij de module ‘kwaliteit van zorg’. Wel kun je dan bedenken, hoe je de bewustwording op gang zou kunnen brengen bij je in de instelling.

Het doel van dit plan van aanpak om zorgtechnologie toe te passen, is het zelfmanagement van zorgvragers te ondersteunen en daarbij ook de kwaliteit van leven te verbeteren. Richt je daar dus op! En wie kan nu beter de kwaliteit van leven beoordelen dan de zorgvrager zelf! Door hiermee aan de slag te gaan, leer je ook welke invloed jij kunt uitoefenen en hoe jij betrokken kunt zijn als verpleegkundige bij de inzet van zorgtechnologie en/of ontwikkelingen van zorgtechnologie. Daarbij houd je rekening met de wetgeving, o.a. veiligheid en privacy en neem je de ethische aspecten mee die rondom jullie casuïstiek m.b.t. de inzet van zorgtechnologie spelen.

Beschrijving

Je brengt je visie op zorgtechnologie helder onder woorden en benoemt daarbij voor- en nadelen van zorgtechnologie. Je onderkent en respecteert hierbij ethische grenzen aan het gebruik van zorgtechnologie. Je kunt de mogelijkheden van zorgtechnologie binnen jouw domein beschrijven en aangeven waar en wanneer deze mogelijkheden in te zetten zijn. Je past, op basis van de informatiebehoefte, zorgbehoefte en (digitale) vaardigheden van de zorgvrager/zorgverlener zorgtechnologie op een verantwoorde, zinvolle en veilige manier toe.

Met deze inzet van zorgtechnologie verbeter je de kwaliteit van leven van de zorgvrager en/of vergroot je het zelfmanagement van de zorgvrager. Je stemt de inzet van zorgtechnologie af met de zorgvrager, diens naasten en andere zorgverleners. Je legt hierbij het doel en nut van de toepassing duidelijk uit, schat eventuele risico’s in, en instrueert gebruikers. Je communicatie hierbij is afgestemd op het referentiekader en de persoonlijke factoren van de zorgvrager. Je noemt de randvoorwaarden waaraan zorgtechnologie toepassingen moeten voldoen en waarborgt bij het inzetten van zorgtechnologie de veiligheid en privacy van de zorgvrager, in lijn met de huidige wet en regelgeving

Wat laat je zien:
Onder woorden brengen, benoemen, begrijpen, inzetten, afstemmen, instrueren, waarborgen.
Welke competentie:
Zorgverlener (Z2), Communicator (C1), Gezondheidsbevorderaar (G1).
Welke kernbegrippen:
Inzet ICT, Persoonsgerichte communicatie, Zelfmanagement versterken, Gezond gedrag bevorderen, Deskundigheidsbevordering.
Welke standaarden:
Communicatietheorieën, inzet ICT, wet op de privacy, wet zorg en dwang (o.a. toezichthoudende domotica), ethiek, eHealth monitor.
HBO-niveau/reikwijdte:
NLQF6.
Aanbevolen leerhulpmiddelen:
Verkrijgbare online artikelen en websites.

Toetsing en beoordeling

Toetsprocedure

Beroepsproduct:
Groepsopdracht met individuele onderdelen
Toetsvorm:
vormvrij
Maximum aantal woorden/maximum minuten:
  • Schriftelijk projectverslag: maximaal 7000 woorden (exclusief persoonlijke reflectie, bijlagen en literatuurlijst)
  • Foto- of beeldverslag: maximaal 10 bladzijden (A4) – sheets (Powerpoint) met een schriftelijke onderbouwing van maximaal 3000 woorden (exclusief persoonlijke reflectie, bijlagen en literatuurlijst)
  • Videoverslag: maximaal 20 minuten met een schriftelijke onderbouwing van maximaal 3000 woorden (exclusief persoonlijke reflectie, bijlagen en literatuurlijst)
Aantal beoordelaars:
1 (bij cijfer tussen 5 en 6 altijd twee)
Wijze van inschrijving:
Student schrijft zich voorafgaand aan het inleveren van de toets in voor de betreffende toets in OSIRIS
Wijze van inleveren:
inleverpunt op Blackboard
Beoordelingstermijn:
15 werkdagen
Cijfer:
Cijfer = 1+ ((gewogen som – 1) / 4) * 9.  De cesuurgrens ligt op 5,5.
Reparatiemogelijkheid bij herkansing:
Ja, eenmaal. Bij een eventueel tweede herkansing dient nieuwe casuïstiek worden gekozen.

Werkwijze

De opdracht is een groepsopdracht, waarbij er een keuze gemaakt kan worden in meerdere vormen van een projectverslag:  een schriftelijk verslag, een foto- of beeldverslag of een videoverslag. Alle (vormen van de) projectverslagen worden schriftelijk onderbouwd met een (theoretische) verantwoording voor de keuzes en er wordt gebruik gemaakt van relevante (wetenschappelijke) literatuur. De groep (van drie studenten) is werkzaam in minimaal 2 verschillende zorgsettingen (algemene gezondheidszorg, geestelijke gezondheidszorg, maatschappelijke gezondheidszorg). Dit is nodig om de opdracht voldoende te kunnen uitvoeren (voorwardelijk criterium).

Het gehele projectverslag is een gezamenlijk verslag, met uitzondering van de persoonlijke reflectie. Jullie leveren allemaal een projectverslag in op Blackboard. Jullie beschrijven in een inleiding de visie op zorgtechnologie op het algemene niveau van de zorgverlening (in Nederland), op het niveau van de specifieke zorgsettingen (algemene, geestelijke en maatschappelijke zorgverlening), alsmede op organisatie-/ afdelingsniveau van de gekozen zorgvrager. Bespreek met elkaar de mogelijkheden en toepassingen van zorgtechnologie binnen jullie eigen organisatie/ instelling/ afdeling en verwoordt dit in het projectverslag. Vervolgens zoeken jullie samen één zorgvrager, waarbij jullie ter verbetering en/ of de instandhouding van de kwaliteit van leven en het zelf(zorg)management zorgtechnologie kunt toepassen. Jullie onderbouwen de keuze voor deze zorgvrager, die als casus methodisch en verdiepend wordt uitgewerkt. Vervolgens maken jullie voor de individuele zorgvrager op basis van de methode van shared decision making een plan van aanpak en voeren jullie deze uit. Indien dit niet mogelijk is, beschrijven jullie wat jullie concreet hebben gedaan naar aanleiding van het plan van aanpak en geven jullie aan wat nog nodig is om de zorgtechnologische interventie wel uit te voeren. Jullie evalueren de interventie met de zorgvrager of benoemen vragen, die je wilt stellen aan de zorgvrager om de te verwachten resultaten van de interventie(s) te evalueren. Jullie beargumenteren daarbij ook waarom deze vragen van belang zijn, rekening houden met de situatie van de zorgvrager en zijn/ haar netwerk. Jullie evalueren voor de individuele zorgvrager op ethische aspecten en op de toegevoegde waarde van zorgtechnologie op de kwaliteit van leven en (het in stand houden en/ of bevorderen van) het zelf(zorg)management van de zorgvrager.

In een persoonlijke reflectie geef je een individuele beschrijving van het proces van de groepsopdracht (vanaf het moment van samenwerking tot en met het moment van afronding van de opdracht), alsmede reflecteer je op het product. Het reflectieverslag voeg je toe aan het projectverslag. In de reflectie benoem je de inzet van de zorgtechnologie, het toepassen van zorgtechnologische middelen in relatie tot de opgedane (leer)ervaringen vanuit de leeruitkomsten gesprekstechnieken en interprofessioneel samenwerken. Je reflecteert op je eigen leereffect en de wijze, waarop zorgtechnologie een plaats heeft en krijgt (op basis van het volgen van deze leeruitkomst) binnen je eigen afdeling/ organisatie. Wat betreft het proces/samenwerking, ga je reflecteren op je eigen rol en wat daar de achtergrond van is.

Beoordelingsprocedure

  1. De beoordelaar checkt of aan alle voorwaardelijke criteria is voldaan. Indien aan 1 of meerdere voorwaardelijke criteria niet voldaan wordt, wordt de opdracht beoordeeld met NVD en wordt deze niet verder nagekeken. De beoordelaar kan wel besluiten om formatieve feedback te geven.
  2. De ingeleverde opdracht wordt met een plagiaatprogramma gecontroleerd op plagiaat. Naast het plagiaatpercentage dient de beoordelaar de plagiaatrapportage in te zien om zich ervan te vergewissen dat er geen plagiaat is gepleegd. Indien plagiaat wordt vermoed wordt er een zaak aangemaakt bij de examencommissie en wordt het verslag niet verder nagekeken. Plagiaat kan leiden tot uitsluiting van de toets en in ernstige gevallen zelf uitsluiting van de opleiding.
  3. Indien aan alle voorwaardelijke criteria wordt voldaan wordt de opdracht verder nagekeken en voorzien van feedback. De beoordelaar kent aan ieder item een aantal punten toe op een 5-puntsschaal (1-5). Onder Succesindicatoren zijn aandachtspunten beschreven bij ieder item. De beoordelaar kiest het aantal punten (1-5) dat het beste van toepassing is op het item, zoals hieronder bij Toelichting scores verder wordt toegelicht. De beoordelaar geeft feedback door aan te geven waar de student naar toe werkt, waar hij nu staat ten opzichte van het gewenste resultaat en hoe de student verder kan werken om het gewenste resultaat te bereiken).
  4. De beoordelaar berekent het eindcijfer aan de hand van de volgende formule: Cijfer = 1+ ((gewogen som – 1) / 4) * 9. De cesuurgrens ligt op 5,5.
  5. Indien de beoordeling tot een eindcijfer tussen 5 of 6 leidt, dan schakelt de verantwoordelijke examinator (eigenaar) een onafhankelijke tweede beoordelaar in. Na de beoordeling van de tweede beoordelaar vindt een afstemmingsoverleg plaats. Indien beide beoordelaars gezamenlijk niet tot een eenduidig eindcijfer kunnen komen wordt een derde beoordelaar aangevraagd bijj de verantwoordelijke examinator. Deze derde beoordelaar is inhoudelijk expert en past een marginale toetsing toe van de beoordeling door de eerste en tweede beoordelaar, op basis van kennis van de oordelen van de eerste en tweede beoordelaar en de onderbouwing daarvan. Het oordeel van de derde beoordelaar is bindend.

Herkansing

Ook bij een herkansing dien je je in te schrijven in OSIRIS. Bij een eventuele herkansing heb je eenmaal de mogelijkheid tot het verbeteren/aanvullen van je verslag.

Indien je een toets van het vorige studiejaar moet herkansen geldt, in overeenstemming met de Onderwijs- en Examenregeling (art 3.5 lid 1.e) dat je moet uitgaan van een nieuwe leeruitkomst- en toetsbeschrijving. Je kunt met de betreffende docent van de leeruitkomst overleggen over de wijzigingen die daarin zijn aangebracht ten opzichte van de gelegenheden eraan voorafgaand. Dit betekent dat de herkansing wordt nagekeken volgens het dan geldende beoordelingsformulier. Deze formulieren vind je op de Blackboard pagina van de leeruitkomst van het huidige studiejaar.